|
Vrijwilliger bij de brandweer, "WIE DURFT?"
Vrijwel alle 538 gemeenten in Nederland
beschikken over een eigen brandweerkorps. De grootte van het korps
is afhankelijk van de omvang van de gemeente. In Nederland zijn
ongeveer 27.000 brandweermannen en –vrouwen actief. Een klein deel
hiervan (ca. 4.500) werkt in beroepsdienst, de rest werkt als
vrijwilliger. Daarom is het voor de brandweer natuurlijk heel
belangrijk om steeds over voldoende vrijwilligers te kunnen
beschikken. En dat is niet altijd even makkelijk.

Als de
Brandweer vrijwilligers zoekt, help de brandweer dan uit de brand...!
Als er ergens bij u in de buurt brand
uitbreekt of een ernstige aanrijding plaatsvindt, een auto te water
raakt of een tankauto met gevaarlijke stoffen omslaat dan belt u de
brandweer (alarmnummer 1-1-2). Maar ook als een vliegtuig neerstort,
er een ontploffing plaatsvindt, bomen omwaaien of dieren in nood
raken dan belt u de brandweer. De brandweer roept dan zijn
"vrijwilligers" op. Mensen, die net zoals u gewoon aan het werk zijn
met een draagbaar oproepapparaat bij zich. Zij laten meteen alles en
iedereen in de steek als hun "pieper" gaat. Want vanaf dat moment
telt letterlijk elke seconde.
Omdat zij, die mensen zoals u, zo toegewijd zijn, is de brandweer
altijd al enkele minuten na alarmering ter plaatse. Onwillekeurig
denk je dat vrijwilligers "amateur brandweerlieden" zijn. Maar niets
is minder waar. Hun training is zwaar. Hun opleiding is precies
hetzelfde als bij beroepsbrandweermensen. Het enige verschil is dat
zij geen dagtaak hebben aan hun brandweertaak. Gelukkig maar. In
deze pagina komt u meer te weten over die vrijwilligers, die ook
voor u klaar staan. Zoals u straks misschien voor anderen klaar zal
staan als u zich als brandweerman (of –vrouw) heeft opgegeven.
De brandweer is
meer
Wie brandweer zegt, denkt allereerst
aan "blussen". Maar de brandweer doet meer. Veel meer. Natuurlijk,
blussen blijft een voorname taak. Blussen met water, schuim of
andere blusstoffen. Het blussen van een schoorsteenbrand is een
klein klusje waar de brandweer zijn hand bij wijze van spreken niet
voor omdraait. Al zijn de mensen die het overkomt reusachtig
dankbaar dat die vrijwilligers binnen een paar minuten voor de deur
staan.
Maar er zijn ook andere branden. Denk
eens aan bos en hei. Denk eens aan bedrijven, opslagplaatsen,
loodsen, silo's. Maar ook aan treinen en tankauto's met brandbare of
andere gevaarlijke stoffen. Denk eens aan de rookontwikkeling die er
vaak bij optreedt. Waardoor het zicht minder wordt. Waarbij er met
zogenaamde persluchtmaskers gewerkt moet worden. Ook daar treden de
vrijwilligers op. Ook voor u, als u in nood verkeert. Trouwens u
kunt het zelf ook. Na een goede opleiding en steeds weer oefenen.
Want aan brandbestrijding is niets gevaarlijks zeggen we bij de
brandweer altijd. "Als je maar weet wat je doet".
Technische
hulpverlening is minstens zo belangrijk
Wie anders dan de brandweer zou u uit
uw auto moeten halen als u daarin bekneld zit?
Wie anders zou de ravage na
treinontsporingen, om slachtoffers te redden uiteen moeten rafelen.
Wie anders zou in die duizend en een ongevallen die zich kunnen
voordoen in het land de helpende hand moeten bieden? Technische
hulpverlening is de naam waaronder al dat "niet-bluswerk" valt. Dat
daarvoor een redelijke technische vaardigheid nodig is hoeft verder
niet te worden toegelicht. Maar daarom is het niet alleen voor
handarbeiders geschikt werk. Ook hoofdarbeiders die de handen uit de
mouwen kunnen steken zijn meer dan welkom. En wat al die
brandweerlieden gemeen hebben is een grote mate van zelfbeheersing,
een sportieve instelling, een goed verstand, een absolute hekel aan
paniek en bravoure, en de bereidheid zich dienstbaar te maken.
Voor hun technische taken krijgen ze
te maken met hypermoderne apparatuur. moderne verbindingsmiddelen,
uitgekiende, veilige en beschermende kleding, andere
uitrustingsstukken en snelle voertuigen.
Alles is er. Alleen uw plaats als
vrijwilliger is nog open.
Geen brandweerman
zonder brandweervrouw (of andersom)
Er wordt te vaak vergeten welke
belangrijke rol de partner en het gezin van de brandweerman / vrouw
spelen. Ze moeten er achter staan dat hun man, vader, vrouw of
moeder vrijwilliger bij de brandweer is. Een vrijwilliger kan
overdag worden weggeroepen. Maar ook 's-nachts. Ook op zondag. Dan
komt het wel eens slecht uit.
En juist op die momenten moet
iedereen achter de vrijwilliger staan. En als hij/zij dan moe thuis
komt, misschien een heleboel narigheid heeft meegemaakt, dan moet
hij/zij goed worden opgevangen.
Je leert er wat van
De training die u bij de brandweer
krijgt komt u vaak in het dagelijks leven ook heel goed van pas.
Want u leert om te gaan met zeer moderne gereedschappen. U leert
indien uw korps die taak uitvoert, om te duiken. U leert veel over
chemische stoffen, u leert veel over gevaren die bepaalde situaties
kenmerken, u leert gevaarlijke situaties het hoofd te bieden maar
ook maatregelen te nemen ter voorkoming van ongelukken. U leert ook
om in teamverband te werken, om elkaar te beschermen om in te
grijpen waar dat nodig is. U leert ook het een en ander over moderne
verbindingsmethoden. Eerste hulp bij ongelukken is ook zo'n aspect
van belang. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.
Je leert er ook wat voor elkaar over
te hebben. Want er is geen brandweerkorps in Nederland waar de
vrijwilligers geen dikke vrienden zijn. En ook de partners en andere
gezinsleden doen mee in de club. Eén grote familie is het. Overal.
Vrienden door dik en dun, die elkaar bijstaan wanneer dat nodig is.
Elkaar laten delen in het wel en wee. lets voor u misschien. In een
tijd, dat de samenleving er eerder harder dan vriendelijker op
wordt.
Het is veiliger dan autorijden
Wie twee brandweerlieden met
persluchtmaskers op, een als een fakkel brandend huis binnen ziet
gaan om er kinderen te redden, bewondert hun moed maar vraagt zich
af of het geen gekkenwerk is. De vrijwillige brandweerman ziet dat
anders. Als je weet wat je doet, is het niet gevaarlijk. Je moet
weten wanneer je er wel en wanneer je er niet meer in kunt.
De moderne apparatuur en vooral de
voortdurende oefening maken dat je zo weinig mogelijk gevaar loopt.
We hebben geen behoefte aan lefgozers.
Die brengen je in gevaar. Nee je moet
altijd je kop erbij houden. Weten wat je doet. Dan is het werk van
de brandweervrijwilliger bij lange na niet zo gevaarlijk als het er
uit ziet. Denkt u het aan te kunnen?
Niet iedereen kan het aan
De inspanning die door een
brandweermens moet worden geleverd is niet gering. De wekelijkse
training, de bijbehorende studie en als u eenmaal brandwacht bent,
de ‘Uitruk". In een meestal zeer korte tijd wordt er dan een
topprestatie van u verlangd. Bijna altijd gaat het om een race tegen
de klok. Mensen in nood.
En... geen situatie is hetzelfde. Het
is dan ook voor uw eigen veiligheid en die van de andere
brandweerlieden, dat we bijzonder strenge eisen stellen aan de
brandweerman of -vrouw. We noemen er enkele:
De brandwacht moet in staat zijn tot
lang staan, hard en soepel lopen, kruipen, klimmen, springen,
evenwicht bewaren, zware lasten dragen. Hij of zij moet het werk
verrichten bij hitte, koude en soms met natte kleding (vrieskou).
Bovendien kan hij of zij in contact komen met chemische stoffen. Hij
of zij moet een helm, stofbril, gas- of persluchtmasker kunnen
dragen en voorts kap- of lieslaarzen. Bij de uitoefening van de
functie moet hij of zij psychische stresssituaties kunnen ondergaan
en daarbij rustig en weloverwogen handelen. Aan elke brandwacht moet
de eis worden gesteld dat een persluchttoestel en masker kan worden
gedragen. Het complete toestel beeft een gewicht van ongeveer 15 kg.
en de inhoud van de cilinder(s) is voldoende om gedurende 20 min. te
werken onder ongunstige omstandigheden. Een en ander impliceert een
extra fysieke belasting.

30 Vragen en
antwoorden vooraf
U heeft vragen. Vanzelfsprekend. De
meest gestelde vragen hebben we hieronder weergegeven en meteen
beantwoord. We hopen, dat u er een goed inzicht door krijgt in het
werk en de mogelijkheden van de vrijwillige brandweerman. We rekenen
op u. Net als u op ons mag rekenen.
30 vragen die gesteld kunnen worden
door een adspirant brandwacht:
| 1 |
Waarin zijn de
rechten en plichten van de vrijwillige brandweerman
omschreven? |
In de
gemeentelijke rechtspositieverordening. |
| 2 |
Hoe oud moet ik
zijn voor een functie bij de brandweer? |
Niet jonger dan
18 jaar. |
| 3 |
Welke
lichamelijke eisen worden er gesteld? |
Men moet over
een goede gezondheid beschikken, een goede conditie hebben
en een minimum lengte van 1.65 meter. |
| 4 |
Zijn hoogte-.
diepte- of engte vrees een bezwaar? |
Ja. Vooral
hoogtevrees is een groot bezwaar. |
| 5 |
Is het gebruik
van bril of contactlenzen bezwaarlijk? |
Dit hoeft niet
altijd een bezwaar te zijn; het is uiteraard afhankelijk van
het gezichtsvermogen, dat bij keuring wordt vastgesteld.
|
| 6 |
Mag ik een baard
dragen? |
Nee. Ook te
grote bakkebaarden of snor zijn niet toegestaan bij het
gebruik van persluchtmaskers. |
| 7 |
Welke
karaktereigenschappen zijn van belang? |
Goede manieren,
gevoel voor orde en netheid, besluitvaardigheid, moedig
zonder roekeloos te zijn, verantwoordelijkheids- en
maatschappelijk besef. |
| 8 |
Welke
vooropleiding moet ik ten minste hebben? |
VMBO met bij
voorkeur wis- en natuurkunde, een andere gelijkwaardige
opleiding of over voldoende vakbekwaamheid beschikken. |
| 9 |
Moet ik in het
bezit zijn van een rijbewijs? |
Het bezit van
een rijbewijs is soms gewenst, maar zeker niet altijd
vereist. |
| 10 |
Kan een vrouw
bij de brandweer komen? |
Natuurlijk, mits
zij aan de eisen voldoet kan ook een vrouw bij de brandweer
in dienst treden. Informeer dit bij uw plaatselijke
brandweer. |
| 11 |
Wat is de taak
van een vrijwillige brandweerman / vrouw? |
Het meewerken
bij het beperken en bestrijden van brand, het beperken van
brandgevaar, het beperken en voorkomen van ongevallen bij
brand en al hetgeen daar verband mee houdt. Bovendien het
beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij
ongevallen en rampen, anders dan bij brand. |
| 12 |
Speelt het
woon/werkadres een rol? |
Wonen en werken
dient bij voorkeur binnen de gemeente te gebeuren en de
woning mag niet te ver van de brandweerkazerne liggen.
|
| 13 |
Door wie word ik
aangesteld? |
Men wordt
aangesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente
waarbij men in dienst van de brandweer komt. |
| 14 |
Moet ik een
contract tekenen? |
Dit is
afhankelijk van de gestelde voorwaarden in de desbetreffende
gemeente. |
| 15 |
Moet mijn
werkgever ook akkoord gaan met de aanmelding? |
Ja, want
brandweermensen kunnen ook nodig zijn tijdens de werkuren. |
| 16 |
Hoeveel tijd
kost het mij? |
Afgezien van het
uitrukken en het deelnemen aan opleidingen kost het ten
minste 2 uur per week aan studie en oefening. |
| 17 |
Wordt er een
vergoeding gegeven? |
Men ontvangt als
regel een vergoeding die vastgesteld is in de gemeentelijke
rechtspositieregeling. Over het vergoedingsdeel dat als loon
wordt beschouwd, is men belasting verschuldigd. |
| 18 |
Krijg ik ook een
onregelmatigheidstoelage? |
Nee. Als regel
wordt een jaarlijkse vergoeding gegeven die afhankelijk is
van de rang die men bekleedt. |
| 19 |
Ben ik
verzekerd? |
Men is verzekerd
tegen de gevolgen van ongevallen volgens het gestelde in de
rechtspositieregeling van de gemeente. De premie daarvan
wordt door de gemeente betaald. |
| 20 |
Moet ik ook
dienst doen op de alarmcentrale? |
Neen, normaliter
niet. De alarmcentrale wordt bediend door gespecialiseerd
personeel. |
| 21 |
Moet ik
eventueel ook bij aanrijdingen helpen? |
Ja. De brandweer
heeft vele taken waaronder de technische hulpverlening, die
ook bestaat uit het bergen van slachtoffers uit autowrakken,
uit het water, uit liften en dergelijke. |
| 22 |
Welke
opleidingen moet men volgen? |
De opleiding tot
brandwacht 2e klas. Andere opleidingen kunnen zijn die tot
brandwacht 1e klas en hoofdbrandwacht. |
| 23 |
Kan ik nog meer
cursussen volgen? |
Dit is
afhankelijk van de mogelijkheden en de behoeften van het
korps. |
| 24 |
Wanneer volg ik
deze cursussen? |
Meestal worden
deze cursussen in de avonduren gegeven. |
| 25 |
In welke rang
word ik aangesteld? |
Aanstelling
geschiedt in de rang van adspirant-brandwacht. |
| 26 |
Wanneer word ik
bevorderd? |
Na één jaar
goede dienstvervulling, in welke tijd ook het rijksdiploma
brandwacht 2e klas moet zijn behaald. |
| 27 |
Kan ik nog
hogerop komen? |
Na het volgen
van de vereiste opleidingen kan men, afhankelijk van de
behoefte en na gebleken geschiktheid, ook de officiersrangen
bereiken. |
| 28 |
Ontvang ik
beschermende kleding? |
Van dienstwege
wordt kleding voor de uitrukdienst alsmede werk- en
sportkleding, in bruikleen verstrekt. |
| 29 |
Krijg ik ook
uniformkleding? |
Meestal wordt
uniformkleding verstrekt. |
| 30 |
Tot welke
leeftijd kan ik dienst doen? |
In vrijwel alle
functies moet men op 55 jarige leeftijd de dienst verlaten.
|
| 31 |
Hoe kan ik solliciteren |
Wilt u solliciteren voor een
(vrijwillige) functie bij een van de Waterlandse brandweer
posten, stuur dan even een sollicitatiebrief naar de
commandant dhr I. Schaap,
Postbus 1000, 1140
BA, Monnickendam. Er zal
vervolgens contact met u worden opgenomen voor een nader
gesprek. |
|